BIJDRAGE KLEURENDAG NAJAAR 2004

KLEUR EN VLAK - WIE IS ER BANG VOOR ROOD, GEEL EN BLAUW?

door Ir. K.A.C. Nieuwland

Karel Nieuwland Architekten in ieder geval niet, het zijn zelfs onze bureaukleuren. Niet dat we die zo letterlijk toepassen als in de "fundamentalistische" periode van De Stijl in de 20er jaren van de vorige eeuw. Bij ons zijn ze symbolisch omdat met deze primaire kleuren alle denkbare kleuren te maken zijn. In de praktijk heeft Karel Nieuwland Architekten deze primaire kleuren maar één keer letterlijk toegepast: ter ondersteuning van de hoofdrichtingen in het wateronthardingsgebouw voor het Duinwaterbedrijf Zuid Holland in Scheveningen.


In dit verhaal willen wij duidelijk maken hoe wij denken dat kleur in de architectuur gebruikt zou moeten worden, namelijk ter ondersteuning van de ruimtelijke werking van architectuur en stedenbouw.

Ruimte, Licht… en Kleur

De plaats die kleur binnen de architectuur inneemt is gebaseerd op de "heilige" drie-eenheid Ruimte-Licht-Kleur, waarvan de drie elementen in deze volgorde van belang zijn. Op de eerste plaats staat uiteraard Ruimte, met als tweede Licht, aangezien zonder licht geen ervaring van ruimte kan bestaan. Probeer maar eens een ruimte te beleven in het pikdonker. Het belang van Licht in de architectuur werd al snel ontdekt door de grote Hollandse meesters als Rembrandt en Vermeer. Zij bestudeerden het spel van licht en donker binnenshuis en buitten deze kennis uit bij het weergeven van ruimtes en diepte.
In het schilderij van Pieter de Hoogh hiernaast worden de opeenvolgende ruimten door licht en schaduw ervaren: van de kamer, via binnenplaats, entreegang en gracht wordt ons oog tot zelfs naar de entree van de woning aan de óverkant van de gracht geleid. De rode kleuren die hier gebruikt zijn leiden tot een spectaculair schilderij, maar architectonisch gezien speelt licht hier de belangrijkste rol.

Kleur heeft wel degelijk een functie in de beroemde moskee van Cordoba. Wederom is hier Licht het belangrijkste element dat de prachtige ruimtelijke gelaagdheid bepaalt, maar behalve licht en ruimte is de toevoeging van kleur hier essentieel. Zonder de rode accenten in de zandkleurige bogen zouden deze visueel met elkaar versmelten en zou de ruimtelijkheid niet zo kunnen worden afgelezen als dat nu het geval is.

Maar doelgericht kleurgebruik beperkt zich natuurlijk niet tot interieurs. De combinatie licht en kleur wordt vaak gebruikt voor de benadrukking van een gebouw in de ons omringende natuurlijke ruimte. Kijk naar gebouwen als de Sacré Coeur in Parijs, het werk van Richard Meijer of de Taj Mahal in India. Het gebruik van één kleur maakt deze gebouwen extra groot, afstekend tegen de blauwe lucht en de omgeving. Dit effect wordt optisch versterkt door de vier hoektorens en de reflectie in het water.

Naast ruimtelijk wordt de combinatie van licht en kleur vaak ook symbolisch gebruikt, of op zijn mist om die symbolische waarde te benadrukken. In de symboliek van de Taj Mahal staat wit voor de puurheid en liefde van deze vorst voor zijn vrouw, voor wie dit grafmonument is opgericht.

Ook zien we voorbeelden van dit symbolische kleurgebruik in religieuze gebouwen. In veel oosterse culturen wordt goud gebruikt als symbool voor de waarde van de religie in de samenleving. Pagodes en beelden zijn van goud en zelfs arme mensen in Thailand kopen in tempels een blaadje bladgoud om dit op het Boeddhabeeld te wrijven, en daarmee zijn gunst af te dwingen.

Deze symboliek gaat verder dan architectuur: de oranjegele pijen van de monniken hebben een directe associatie met de gouden tempels.

Kleur kan ook een speciale functie hebben in het oproepen van sfeer. In kerken met hun glas-in-lood ramen worden de drie elementen van de Ruimte-Licht-Kleur eenheid gecombineerd voor een maximaal effect. Het licht door de gekleurde ramen bepaalt niet alleen de ruimte, maar geeft door de kleur daar ook een speciale sfeer aan. Misschien wel het mooiste voorbeeld hiervan is de Sainte Chapelle in Parijs, waar de hele kapel is opgebouwd uit ramen en niet een aantal ramen in dichte vlakken, zoals gebruikelijk is bij kerken en kathedralen. Het geheel geeft daardoor een overweldigend effect bij binnenkomst en zorgt voor een overrompelende beleving. Na deze totale indruk vormen deze ramen ook nog verhaal dat gelezen kan worden. De beeldende eigenschap van de ramen is nog een onverwachte, maar schitterende uiting van kleurgebruik.

Kleur, Vlak en Volk

Tot nu toe blijkt dat ieder gebruik van kleur een duidelijk doel had ter versterking van het "concept" zoals wij dat nu zouden noemen. Bij het onderwerp kleur en vlak is dat voor ons bureau niet anders. Kleur moet altijd het architectonisch/stedenbouwkundig uitgangspunt versterken. Wij putten daarbij echter minder inspiratie uit het kleurgebruik dat door andere ontwerpers is toegepast, maar liever het gebruik door de bewoners van de stad zelf. Dit is een kleurgebruik dat niet zozeer bewust en met een vooropgesteld doel is toegepast, maar eerder spontaan uit de bevolking komt. Dan zien we dat dit kleurgebruik een rechtstreekse relatie heeft met het karakter van de bewoners, en dus cultureel bepaald is.

In de wijk La Boca in Buenos Aires, Argentinië hebben de bewoners uitbundige kleuren toegepast, passend bij hun temperamentvolle cultuur van tango en carnaval. Toch heeft het kleurgebruik ook hier een duidelijk doel naast decoratie, namelijk het aangeven van herkenbaarheid van het eigen gebied in een groter geheel, en daarmee het verkleinen van de schaal van de stedelijke massa.

   

Alhoewel we van deze voorbeelden kunnen leren, moeten we dit niet letterlijk imiteren. In een land als Nederland met klompendans en boerenkiel in haar carnaval hoort vanzelfsprekend een heel eigen kleurgebruik.
Lange tijd lijkt het gebruik van kleur in de Nederlandse architectuur taboe geweest. Mogelijk heeft dit in ons land zijn intrede gedaan met de reformatie, de periode van soberheid als reactie op het overdadig pronken van de Katholieke kerk.

De foto hiernaast uit Doesburg laat zien dat men ook in Nederland vroeger niet bang was voor het gebruik van kleur.

Kleurgebruik bij Karel Nieuwland Architekten

Bij het gebruik van kleur in een gebouw gaat het ons zelden om het gebouw op zich. Bijna altijd heeft het gebruik van kleur te maken met de manier waarop het gebouw in de omgeving zal functioneren.

Het eerste voorbeeld hieronder betreft drie appartementengebouwen in Almelo. In één kleur zouden de ten opzichte van elkaar verschoven blokken veel te massaal werken in de bedrijvige jachthaven met wisselende beelden van boten en zeilen.



Er is gekozen voor een opbouw in vlakken in plaats van massa's. De drie schijven, waaruit ieder gebouw is opgebouwd hebben ieder een eigen herkenbare vorm en kleur. Door per gebouw de kleuren te wisselen wordt het spel met kleuren versterkt en krijgt ieder gebouw een eigen herkenbaarheid.

Een andere mogelijkheid van gebruik van kleur is de visuele verkleining van een stedelijke massa, het bouwblok of de straatwand. In de stedenbouw tot aan het begin van de 20e eeuw vormden gebouwen gezamenlijk de stedelijke ruimten; straten, pleinen, grachten, lanen. De combinatie van een duidelijke ruimtebegrenzing (continuïteit) en een individuele perceelsgewijze invulling (individualiteit) gaf aan die steden dat aangename evenwicht, waardoor we ons er nog steeds direct in thuis voelen. In de naoorlogse stedenbouw zijn gebouwen met één architectuur en één functie als objecten in de anonieme open ruimte geplaatst. Door het gebrek aan ruimtelijke referentie zijn deze naoorlogse wijken nooit door de bewoners "geadopteerd" zoals dat met de historische steden wel het geval is en lijden ze een moeizaam bestaan.

Wanneer de opgave vraagt om een duidelijke begrenzing van de openbare ruimte, dan passen wij dit oude principe met behulp van kleur vaak toe. Eigenlijk doen wij hetzelfde als we hierboven in La Boca hebben laten zien, maar dan op een manier die past bij ons Hollandse karakter.

Aquadrille

Waar we de kans krijgen willen we het thema individualiteit in collectiviteit ook doorvoeren in een persoonlijke invulling van de samenstellende delen. Dit betekent een grote diversiteit in het aanbod van woningtypen en een zo groot mogelijke individuele keuzevrijheid van de toekomstige bewoners en gebruikers.

In het plan Aquadrille in de uitbreiding Eekmaat West in Enschede hebben wij de kans gekregen dit thema maximaal uit te werken. Het driehoekige kavel in het bestaande landschap vormde het uitgangspunt om dit ook in het stedenbouwkundig plan als "scharnier" tussen de aangrenzende woonwijken te laten functioneren. Uitgangspunt in het beeldplan van Soeters was het maken van vrijstaande kubuswoningen met zes verschillende gevelmaterialen. Door de projectontwikkelaar is hieraan toegevoegd dat de kopers een maximale keuzevrijheid moesten krijgen wat betreft de indeling en het (woon-werk) gebruik van de woning. Het stedenbouwkundig uitgangspunt is door ons verder ontwikkeld tot een plan met landstroken in één grote waterpartij, waardoor alle veertig woningen aan het water liggen.

Hierbij zijn tien basisplattegrondvarianten ontwikkeld, die ieder weer nader uitgewerkt konden worden met keuzes voor de plaats van wonen, werken en slapen.
Voor de gevelafwerking hadden de kopers de keuze uit metselwerk, stucwerk of een plaatmateriaal verdeeld over een aantal kleurgroepen. Door de kleurgroepen in de situatie vast te leggen werd de beoogde diversiteit op situatieniveau vastgelegd. Binnen deze kleurgroepen hadden kopers de vrijheid om het materiaal te kiezen, waardoor niet van tevoren vaststond welk materiaal waar zou komen. De angst van sceptici dat iedereen voor het traditionele metselwerk zou kiezen bleek ongegrond. Ondanks deze vrijheid bleek dat alle materialen gekozen werden en er het gewenste gevarieerde beeld ontstond.

Om te voorkomen dat van grotere afstand de verschillende texturen van de materialen zouden wegvallen en alleen de kleurgroepen zichtbaar zouden zijn, hebben wij ieder materiaal een eigen structuur gegeven.
Voor het stucwerk is de gehele kubus één egale kleur, passend bij de aard van het materiaal. Voor metselwerk is het vrij gemakkelijk om hierin patronen aan te brengen. Door twee patronen toe te passen ontstonden met drie kleuren baksteen daardoor twaalf keuzevarianten in metselwerk. Bij het plaatmateriaal wilden we ook een eigen herkenbaar patroon en dit is min of meer bij toeval ontstaan. Pas tijdens de verkoop van de woningen kwam Trespa uit met een nieuwe serie Metallic kleuren. Bij de bemonstering die bij ons op kantoor werd afgegeven leek het of er kleurverschillen waren binnen de verschillende kleuren zilver, koper en brons zelf. Bij nader onderzoek bleek dat dit kwam door de structuur in het materiaal, het had een soort "vleug".
Hiervan hebben wij dankbaar gebruik gemaakt door de platen per twee om en om in richting te gebruiken waardoor een groter blokpatroon ontstond. Deze meerwaarde ontdeed het plaatmateriaal in één klap van zijn slechte imago en werd zelfs door oudere kopers gekozen, omdat ze het net "damast" vonden.

Wij zijn er ons van bewust dat wij met dit verhaal maar enkele aspecten van het gebruik van kleur in de architectuur hebben kunnen aanstippen. Denk bijvoorbeeld aan het gebruik van streekgebonden kleuren (groen) en wit in de landen rond de Middellandse zee. Voldoende stof dus ter bestudering voor de komende jaren door de Nederlandse Vereniging voor Kleurenstudie.

Meer informatie over ons werk kunt u vinden op: www.karelnieuwlandarchitekten.nl

Inloggen

 
gebruikersnaam:  
 
wachtwoord:  
 
 
 
   
Wachtwoord vergeten?  

Klik hier om uw gegevens te wijzigen

 

Stichting Kleurenvisie
Klarendalseweg 31
6822 GA Arnhem